Onderwerpen

Plenair

"De rol van psychologische factoren bij lichamelijke aandoeningen"
Andrea Evers, hoogleraar gezondheidspsychologie
Universiteit Leiden

Communicatie en behandelcontext hebben invloed op het behandelresultaat. En wat voor invloed heeft het placebo effect hierop. Het placebo effect gaat met name over de contextfactoren die een rol spelen. Dit gaat over de communicatie tijdens je spreekuur, verwachtingen van de patiënt, maar ook eerdere ervaringen van de patiënt. Alles wat invloed heeft op verwachtingen en vertrouwen van de patiënt. Maar ook over het nocebo effect, bijv. patiënten die bang zijn voor medicijnen, bijwerkingen etc.

 

Workshopronde 1

 

1.1 Diabetes aan het einde van het leven
Simon Verhoeven, huisarts niet praktiserend
Stichting Langerhans

Met behulp van een casus bespreken we de handreiking hoe om te gaan met Diabetes Mellitus in de palliatieve en terminale fase. DM is in de palliatieve en terminale fase een ‘bijkomend probleem’. Hoe vermijd je hypo- en hyperglykemische ontregeling.


1.2 Hartfalen en COPD
Robbert Kerseboom, huisarts & kaderarts astma/COPD
Huisartsengroepspraktijk Bloemendaal, Gouda

Bij een benauwde patiënt denk je vaak: "Zijn het de longen, of is het toch het hart?” Welke diagnostiek is nodig? Wat is je rol als POH of PVK? Bij deze workshop gaan we aan de slag met hartfalen & COPD!

1.3 Klinisch redeneren in de praktijk van de POH/PVK
Ria den Hertog, hoofddocent opleiding Verpleegkunde
Christelijke Hogeschool Ede

Klinisch of professioneel redeneren is een belangrijke verpleegkundige vaardigheid om eigen observaties en interpretaties te koppelen aan kennis over fysiologie, anatomie, pathologie en farmacologie. Zo kan de verpleegkundige goed onderbouwen welke verpleegkundige interventies moeten worden ingezet en wat eventuele vervolgstappen zijn. Iedere professional redeneert klinisch, maar welke methodiek is nu ondersteunend en wat zijn belangrijke aandachtspunten bij de keuze van een methodiek in de poh/pvk praktijk? Hoe kun je klinisch redeneren toepassen zodat (ook) de verpleegkundige zorg in beeld is en je bijdraagt aan optimale kwaliteit van zorg

1.4 Overmatig alcoholgebruik bij 55-plussers, onze zorg?
Hanneke van der Kooy, preventiewerker
Jellinek

Volwassen patiënten, in het bijzonder 55 Plussers, vormen een risicogroep voor het schadelijk gebruik van alcohol en benzodiazepinen. 55 Plussers hebben relatief meer psychische en lichamelijke klachten, gebruiken meer medicatie en gaan vaker gebukt onder eenzaamheid. Hierdoor bezoeken zij frequenter de huisartspraktijk. De problemen kunnen er voor zorgen dat het gebruik toeneemt. Middelengebruik brengt voor ouderen echter extra risico’s met zich mee. Tijdens deze workshop gaan we in op het belang van vroegsignalering van alcoholgebruik. En worden de tools en kortdurende (online) interventies besproken die je kunt gebruiken binnen de huisartsenpraktijk.

1.5 Zelfmoord, praat erover!
Gerrie Hendriks, Psychiatrisch verpleegkundige en werkzaam bij Acuut Behandel Team, trainer 113 zelfmoordpreventie
GGZ inGeest

Tijdens de workshop zal aandacht besteed worden aan:
- Feiten en cijfers over zelfmoord
- Het signaleren en bespreekbaar maken van het taboeonderwerp ‘zelfmoord’
- Zelfmoordpreventie, wat kan jij doen als professional:
   o Do’s en don’ts in gesprekken
   o Verwijzen naar de juiste hulp
- Wat 113 biedt aan diensten binnen en buiten ons kantoor


1.6 De nieuwe richtlijn CVRM nader bekeken
Mark van der Wel, huisarts – onderzoeker
Afdeling Eerstelijnsgeneeskunde Radboudumc, WGC Lindenholt

De nieuwe multidisicplinaire richtlijn CVRM wordt in april 2019 gepubliceerd en brengt de nodige veranderingen met zich mee voor de dagelijkse praktijk. Een uitgelezen kans dus om in deze workshop na een aantal maanden gewerkt te hebben met de nieuwe richtlijn samen de verdieping te zoeken qua inhoud van de richtlijn als ook de toepassing ervan. Waar liggen de uitdagingen? Wat is onduidelijk en hoe hier mee om te gaan? Aan het einde van deze interactieve workshop heeft u meer grip op uw CVRM.


1.7 Autisme bij ouderen: het bestaat!
Rosalien Wilting, Klinisch psycholoog - psychotherapeut
GGZ Breburg, Expertisecentrum PersonaCura, persoonlijkheid & gedrag, ASS en ADHD bij senioren.

Inmiddels is er in vergelijking met 10 jaar geleden meer aandacht voor autismespectrumstoornissen (ASS) bij ouderen. Toch is het een onontgonnen terrein en weten we op basis van wetenschappelijk onderzoek nog zeer weinig. Ook is onze praktijkkennis beperkt. Weinig ouderen krijgen daadwerkelijk de diagnose ASS. In deze workshop zal ingegaan worden op mogelijke verklaringen wat maakt dat deze diagnose nog zo weinig wordt gesteld. Meer specifiek is er aandacht voor het beter herkennen van gedrag en symptomen die kunnen passen bij ASS. Ook zal stilgestaan worden bij het al dan niet bespreekbaar maken van je hypothese dat er sprake zou kunnen zijn van autisme.
Doel van de workshop is vergroten van case identification. Daarnaast: beter in staat zijn om hypothese ASS bespreekbaar te maken en een plan uit te zetten t.a.v. volgende stap. (Terzijde: ook beter weten waar je met vragen terecht kunt, er zal informatie gegeven worden over mogelijkheden in Nederland om informatie te vragen of te overleggen).

1.8 Herziene richtlijn NHG standaard chronische nierschade
Gerard Daggelders, huisarts, kaderarts HVZ
GHC de Bilt / unicum huisartsenzorg

De NHG-Standaard Chronische Nierschade geeft richtlijnen voor de diagnostiek en het beleid bij volwassenen met chronische nierschade, in het kader van CV risicomanagement, DM medicatie bewaking of bij oriënterend onderzoek. De behandelmogelijkheden in de eerstelijn worden besproken en de verwijsindicaties naar de tweede lijn.

 

Workshopronde 2


2.1 Chronische nierschade: medicamenteus verklaard
Jan Joost Valeton, apotheker
Zelfstandig

De workshop gaat over de behandeling en achtergronden van patiënten met chronische nierschade. Wat is de invloed van geneesmiddelen op de nierfunctie, welke doseringaanpassingen doe je bij een verminderde nierfunctie en welke samenwerkingsafspraken moet je maken met andere zorgverleners zoals de apotheker en het ziekenhuis.

2.2 Lastige insuline casuïstiek bij DM 2
Daniel Tavenier, kaderhuisarts diabetes
Stichting Langerhans

Insulinetherapie is soms ingewikkeld en complex. Aan de hand van casuïstiek wordt ingegaan op probleemverheldering en oplossingen. Tijdens deze workshop leer je moeilijke en complexe situaties rond insulinebehandeling te doorgronden en aan te pakken.

2.3 Samenwerken in de praktijk; voorwaarden en verantwoordelijkheden’
Jolanda van Boven, jurist
VAN BOVEN Juridisch Adviesbureau

Multidisciplinair samenwerken kan niet zonder het delen van patiënt- gegevens. Welke eisen gelden daarvoor en wie is waarvoor verantwoordelijk?

2.4 Nieuwe geneesmiddelen in de eerste lijn: omarmen of voorzichtig zijn?
Marloes Dankers, apotheker/adviseur
Instituut Verantwoord Medicijngebruik

De laatste jaren zijn er met name in de behandeling van diabetes mellitus type 2, COPD en hypercholesterolemie nieuwe geneesmiddelen op de markt gekomen. Wat is de daadwerkelijke toegevoegde waarde van deze nieuwe geneesmiddelen en bij welke patiënten moet je ze wel en niet inzetten? Je leert in deze sessie meer over de belangrijkste aandachtspunten van nieuwe geneesmiddelen bij bijvoorbeeld DM2, COPD en hypercholesterolemie.

2.5 Herziene richtlijn NHG standaard chronische nierschade
Gerard Daggelders, huisarts, kaderarts HVZ
GHC de Bilt / unicum huisartsenzorg

De NHG-Standaard Chronische Nierschade geeft richtlijnen voor de diagnostiek en het beleid bij volwassenen met chronische nierschade, in het kader van CV risicomanagement, DM medicatie bewaking of bij oriënterend onderzoek. De behandelmogelijkheden in de eerstelijn worden besproken en de verwijsindicaties naar de tweede lijn.

2.6 Sterven is het einde
Brenda Ott, huisarts, kaderarts ouderengeneeskunde
Huisartsenpraktijk Ott

Sterven hoort bij ons leven. Verpleegkundigen, verzorgenden, huisartsen en praktijkondersteuners maken het regelmatig mee. In deze workshop over “Advance care planning” wordt aandacht besteed aan het gesprek over behandelwensen en de implementatie ervan in de praktijk. Er is veel ruimte voor vragen. Ervaringen om te delen zijn welkom.

2.7 Diagnostiek dementie: mmse, moca, kloktekentest en FAB.
Yvonne Martens en Jentie Kraamer, specialisten ouderengeneeskunde en docenten 

Regelmatig vraagt de huisarts aan de POH ouderenzorg om cognitieve screeninginstrumenten af te nemen. In deze workshop geven we uitleg over deze testen. We leren de deelnemers hoe ze de verschillende testen kunnen afnemen. Daarnaast bespreken we wat de uitkomst zegt over wat wel en niet goed gaat in de hersenen en hoe dit zich vertaalt in het functioneren in het dagelijks leven. We nodigen de deelnemers uit om voorbeelden uit hun eigen werkpraktijk mee te nemen waarbij ze vragen hadden over bijvoorbeeld wat te doen bij iemand met klachten maar een hoge score op de MMSE. Onderdeel van de workshop is het oefenen met de verschillende instrumenten onder begeleiding van de workshopleiders.

2.8 Hoe houd je alle ballen in de lucht?
Marjan Veltman, zelfstandig ondernemer, gezondheidswetenschapper en verpleegkundige (np)

Als praktijkondersteuner kan je veel betekenen voor de ondersteuning van de chronisch zieke patiënt. Je bent een spin in het web voor de huisartsenpraktijk: je voert diverse taken uit, iedereen vraagt van alles aan je, je hebt te maken met kwaliteitseisen en dan stel je ook nog de patiënt centraal. Maar daarmee ben je er niet, want je stelt waarschijnlijk ook nog eisen aan jezelf: je wilt actuele kennis bezitten, eigenlijk niet steeds opnieuw het wiel uitvinden wat je collega praktijkondersteuner al heeft uitgevonden en vergeet je privéleven niet….hoe houd je al deze ballen in de lucht?
Na deze workshop ben je, je bewust wat belemmerende omstandigheden zijn en heb je een idee hoe je deze kunt verminderen. In deze workshop gaan we met elkaar op zoek naar mogelijkheden die het werk als praktijkondersteuner nog aantrekkelijker maken, door met elkaar informatie uit te wisselen over energievreters en energiegevers.

 

Workshopronde 3


3.1 Behandeling van Pijn in de eerstelijn
Jan Joost Valeton, apotheker
Zelfstandig

Bespreking van typen pijn, de WHO pijnladder en de achtergronden bij de keuzes van pijnmedicatie. Interacties met andere geneesmiddelen, overwegen risico’s bij pijnbehandeling en casuïstiek in de pijnbehandeling.

3.2 GLP1-RA behandeling, de praktijk
Daniel Tavenier, kaderhuisarts diabetes
Stichting Langerhans

Met de update van de nieuwe NHG standaard zal het gebruik van GLP1-RA in de huisartsenpraktijk toenemen. Dat vraagt om kennis en vaardigheid. In deze workshop wordt de praktijk van deze therapie behandeld.


3.3 Samenwerken in de praktijk; voorwaarden en verantwoordelijkheden
Jolanda van Boven, jurist
VAN BOVEN Juridisch Adviesbureau

Multidisciplinair samenwerken kan niet zonder het delen van patiënt- gegevens. Welke eisen gelden daarvoor en wie is waarvoor verantwoordelijk?

3.4 Samenwerken aan gezondheid in de wijk: zo doe je dat!
Roos Jansen, adviseur Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM)
Chellie Heijmans, praktijkverpleegkundige

Het aantal mensen dat herhaaldelijk bij de huisartsenpraktijk aanklopt met gezondheidsvragen waarvoor de passende oplossing buiten het medische domein te vinden is neemt toe. Door als praktijkverpleegkundige of -ondersteuner samen te werken met andere professionals in de wijk kun je de druk op de spreekuren van de huisartsenpraktijk ontlasten. Wanneer je samenwerkingspartners in de wijk goed kent, is het makkelijk om patiënten snel door te verwijzen naar de juiste hulp. Samenwerken met andere professionals aan (wijkgerichte) preventie vraagt om een goede aanpak. Kom naar deze workshop waarin de stappen van de Gezonde Wijkaanpak centraal staan. Samen met een praktijkverpleegkundige gaan we praktisch aan de slag. Daarbij benutten we de kennis, voorbeelden, tips en praktische materialen uit het project Preventie in de Buurt.


3.5 Diagnostiek dementie: mmse, moca, kloktekentest en FAB.
Yvonne Martens en Jentie Kraamer, specialisten ouderengeneeskunde en docenten

Regelmatig vraagt de huisarts aan de POH ouderen om cognitieve screeninginstrumenten af te nemen. In deze workshop geven we uitleg over deze testen. We leren de deelnemers hoe ze de verschillende testen kunnen afnemen. Daarnaast bespreken we wat de uitkomst zegt over wat wel en niet goed gaat in de hersenen en hoe dit zich vertaalt in het functioneren in het dagelijks leven. We nodigen de deelnemers uit om voorbeelden uit hun eigen werkpraktijk mee te nemen waarbij ze vragen hadden over bijvoorbeeld wat te doen bij iemand met klachten maar een hoge score op de MMSE. Onderdeel van de workshop is het oefenen met de verschillende instrumenten onder begeleiding van de workshopleiders.

3.6 De nieuwe wet Zorg en Dwang in de praktijk
Saskia Danen de Vries, Adviseur en trainer ouderenzorg en dementie
Zorg4Zorg

Het uitgangspunt van de nieuwe Wet Zorg en Dwang is dat vrijheidsbeperkende maatregelen in principe niet worden toegepast, tenzij er sprake is van ernstig nadeel voor de cliënt of zijn omgeving. Een mooi uitgangspunt, maar hoe doe je dat in de praktijk? Hoe maak je een afweging wanneer je moet kiezen tussen de vrijheid en de veiligheid van een cliënt? Wie betrek je daarbij? Hoe kun je op zoek naar alternatieven? In deze sessie gaan je aan de hand van casuïstiek, met elkaar op zoek naar antwoorden op deze vragen.

Na de workshop:
- Kun je antwoord geven op de volgende vragen:
  • Waarom de nieuwe wet Zorg & Dwang?
  • Voor wie is de nieuwe wet Zorg & Dwang?
  • Wat regelt het wetsvoorstel Zorg & Dwang?
- Ken je het stappenplan Zorg en Dwang en weet je hoe je kunt zoeken naar alternatieven voor vrijheidsbeperking.

3.7 Voeding

Uitleg over de workshop volgt.


3.8 Hoe houd je alle ballen in de lucht?
Marjan Veltman, zelfstandig ondernemer, gezondheidswetenschapper en verpleegkundige (np)

Als praktijkondersteuner kan je veel betekenen voor de ondersteuning van de chronisch zieke patiënt. Je bent een spin in het web voor de huisartsenpraktijk: je voert diverse taken uit, iedereen vraagt van alles aan je, je hebt te maken met kwaliteitseisen en dan stel je ook nog de patiënt centraal. Maar daarmee ben je er niet, want je stelt waarschijnlijk ook nog eisen aan jezelf: je wilt actuele kennis bezitten, eigenlijk niet steeds opnieuw het wiel uitvinden wat je collega praktijkondersteuner al heeft uitgevonden en vergeet je privéleven niet….hoe houd je al deze ballen in de lucht?
Na deze workshop ben je, je bewust wat belemmerende omstandigheden zijn en heb je een idee hoe je deze kunt verminderen. In deze workshop gaan we met elkaar op zoek naar mogelijkheden die het werk als praktijkondersteuner nog aantrekkelijker maken, door met elkaar informatie uit te wisselen over energievreters en energiegevers.

 

Algemene Ledenvergadering